Verhaal van pand 35. Hoofdkwartier NSB

Mussert, mei 1940

De Maliebaan ligt er prachtig bij, deze avond van 9 mei 1940. Het is een stralende dag geweest, niet heel warm, de hele dag heeft de zon geschenen. Er komt weer blad aan de bomen van de brede laan. Op nummer 35, het hoofdkwartier van de Nationaal Socialistische Beweging, de NSB, vergadert de politieke raad. Leider Mussert zet uiteen dat de beweging op korte termijn moet overgaan op een andere organisatievorm. De NSB moet een cellenstructuur krijgen, die het voortbestaan kan verzekeren als de partij, gezien de dreiging van een oorlog, verboden zou worden en ondergronds verder zou moeten. Dat de situatie ernstig is, daar zijn ze het wel over eens als ze tegen elf uur de bijeenkomst besluiten en opstappen.

Op de stoep voor Maliebaan 35 staat Rie Mussert op haar echtgenoot te wachten. Ze is vanuit haar woning aan de Nassaulaan (tegenwoordig: Prinses Marijkelaan) naar het kantoor van haar man gelopen, zodat ze hem nog even kan zien en spreken voor hij die avond weer naar elders vertrekt. Die avond lopen ze arm in arm samen de Maliebaan helemaal af, tot er een auto stopt. Ze nemen afscheid, Anton stapt in, de auto brengt hem deze avond naar een adres in Bilthoven, vlakbij dus.

In verband met de veiligheid van de Leider heeft de partijtop een flinke serie  voorzorgsmaatregelen genomen. Mussert is ervan overtuigd dat bij een Duitse inval de strijd in vier dagen gestreden zal zijn, maar in die vier dagen lopen NSB’ers, vooral de toppers van de beweging, volgens hem groot gevaar. Vandaar dat er voor Mussert een geheime schuilplaats in gereedheid is gebracht, een zolderkamertje in Huizen op de weg naar Naarden, bij partijlid/kameraad Gooijer. Ook het vervoer was geregeld. De partij huurde al maanden een auto, een Pontiac cabriolet. De chauffeur, H. Hartke, zat permanent in een pension vlakbij de garage, zodat hij snel kon uitrukken als de nood aan de man kwam.

Mussert wordt, zoals zoveel Nederlanders, die nacht wakker van het oorlogsrumoer: vliegtuigen en afweergeschut. Hij begrijpt al snel dat het niet verstandig is om midden in de nacht naar de schuilplaats te gaan. Als het de volgende morgen iets drukker is zal het minder opvallen. Hij wacht tot half acht, dan komt chauffeur Hartke hem in Bilthoven oppikken en gaan ze op weg naar Huizen.

De volgende dag is hij jarig, hij wordt 46. Mevrouw Gooijer heeft bloemen voor hem geplukt. Eén keer is er politiebezoek, maar dat heeft te maken met de verduistering die kennelijk direct al wordt gecontroleerd. De agenten vinden Mussert in ieder geval niet, en hij blijft ongestoord in Huizen, tot Nederland op 14 mei capituleert en de gezagssituatie in het land radicaal is veranderd. Mussert gaat terug naar Utrecht, gebracht door kameraad Gooijer. In het hoofdkwartier op Maliebaan 35 treft hij een puinhoop aan, aangericht door Nederlandse militairen. Hij geeft, naar eigen zeggen, leiding aan de opruimwerkzaamheden en laat op het gebouw de vlag van de beweging hijsen.

Terug naar pand 35. Hoofdkwartier NSB